Een incident… en dan?

Een incident… en dan?

Direct na een incident komt er veel op de betrokken vliegers af, waaronder het afronden van (cockpit)procedures, de zorg voor passagiers, cabinecrew en vliegtuig, en communicatie met het bedrijf. Meestal krijgen de vliegers hierna (en soms al tijdens het afronden van genoemde werkzaamheden) bezoek van diverse instanties, bijvoorbeeld van de luchthavenautoriteiten, KLPD of de Onderzoeksraad voor Veiligheid (OVV).

Een melding van een incident kan op verschillende manieren binnenkomen bij de VNV. Een aantal luchtvaartmaatschappijen meldt elk (serieus) incident direct aan de voorzitter van de Accident Investigation Group (AIG) van de VNV. Ook is het mogelijk dat een incident via de media of een telefoontje van de vliegers zelf bij de VNV bekend wordt.

Waarin kan de VNV u na een incident ondersteunen?

Binnen de VNV wordt via twee separate trajecten invulling gegeven aan het behartigen van de belangen van leden. Zodra een melding van een incident binnenkomt bij de VNV, neemt de VNV zo spoedig mogelijk contact op met de betrokken leden. Dit kan al zijn terwijl de vliegers nog aan boord zijn. Meestal gebeurt dit door het bestuurslid Professionele Zaken (PZ) of de voorzitter van de Accident Investigation Group (AIG).
Het bestuurslid PZ belt de vliegers voor individuele en juridische ondersteuning. Hij vraagt hoe het met ze is en biedt een luisterend oor. Tevens wijst hij op het belang van de ‘directives for incidents and accidents’ die alle VNV-leden in hun bezit hebben. Hierin staan enkele belangrijke do’s en don’t’s over hoe te handelen na een incident. Ook heeft hij contact met de juridisch medewerkers van de VNV.

Afleggen van een verklaring

Na een incident is het mogelijk dat u wordt gehoord. Het is moeilijk om op zo’n moment een juiste inschatting te maken van de rol/functie van de instantie die u hoort, hoe u wordt gezien (als verdachte?), en wat dan de mogelijke juridische consequenties zijn. Ons advies is: neem zo snel mogelijk contact op met de VNV. Indien de KLPD u (ver)hoort zult u meestal als ‘verdachte’ worden gehoord, en bent u niet tot antwoorden verplicht. Mocht u toch een verklaring willen afleggen, wees dan terughoudend, beknopt en ‘stick to the facts’! Vraag om het toesturen van een conceptverklaring. Nadat u zich in de inhoud kunt vinden (na ruggespraak met de VNV) kunt u deze ondertekenen.
Internationaal verschilt het per land hoe er met verhoren en verklaringen wordt omgegaan. De VNV kan informatie inwinnen bij de vliegervereniging van dat land over de gang van zaken. Ook om deze laatste reden is het van belang de VNV tijdig te informeren.

Onderzoek

De voorzitter AIG neemt contact op met de vliegers om uitleg te geven over een (mogelijk) vliegveiligheidsonderzoek door de luchtvaartmaatschappij. Verschillende maatschappijen hebben in de CAO met de VNV afspraken gemaakt over de manier waarop dit onderzoek wordt gedaan. Vliegers kunnen worden geïnterviewd door de commissie die dit onderzoek uitvoert. Een VNV-investigator (lid van de commissie AIG) maakt deel uit van deze onderzoekscommissie. De belangen van de vliegers worden geborgd door de gemaakte afspraken met de VNV, alsmede door de VNV-investigator, die er in zijn rol als investigator ook op toeziet dat het onderzoek volgens de gemaakte afspraken verloopt.

Bij enkele luchtvaartmaatschappijen is het standaardprocedure dat u direct na een voorval, voor een korte periode, van het vliegschema wordt afgehaald. U wordt voor uw indeler tijdelijk ‘niet indeelbaar’.
Enkele redenen voor deze beslissing zijn, dat:

  • na een incident het enkele uren/dagen kan duren voordat de betrokkene een fysieke en/of mentale reactie op het voorval krijgt. Het is goed om dan even niet te vliegen.
  • indien de betrokkene wordt uitgenodigd voor een interview hij/zij zich in alle rust hierop kan voorbereiden.
  • indien er tussen het voorval en het interview is doorgevlogen bepaalde herinneringen vertroebeld kunnen worden door de meest recente vliegervaringen.
  • de betrokkene het vertrouwen in zichzelf en het vliegtuig moet terugkrijgen om weer veilig commercieel te kunnen opereren.

Het beleid van de VNV is er altijd op gericht geweest haar leden op te roepen volledig mee te werken aan het incidentenonderzoek. Het is immers in het belang van de vliegveiligheid om van een incident te kunnen leren, en goede afspraken in de cao zorgden ervoor dat er geen misbruik gemaakt kon worden van de afgelegde verklaringen.
In de huidige wetgeving zijn de interne bedrijfsonderzoeken echter (nog) niet beschermd. De manier waarop het Openbaar Ministerie en de politiek de door de luchtvaartsector gewenste bescherming op dit moment benaderen zorgt ervoor dat de VNV terughoudend is geworden. Een tweesporenbeleid van de VNV is hier een direct gevolg van:

  • Enerzijds wil de VNV de vliegveiligheid verhogen, en dit kan worden bewerkstelligd door volledig mee te werken aan onderzoeken.
  • Anderzijds behartigt de VNV de (individuele) belangen van haar leden. Het moet niet zo zijn dat datgene wat je als vlieger verklaart in een onderzoek later tegen je wordt gebruikt als verdachte.

Het is van belang dat u zich bewust bent van dit spanningsveld, en – in overleg met de VNV – zelf uw afweging maakt.